
De AFF-cursus is de snelste manier om zelfstandig te gaan springen. In plaats van vastgeklikt te springen aan een instructeur, heb je vanaf je eerste sprong je eigen parachute — en de instructeurs assisteren je in de lucht. Zo ziet het eruit.
Waar begint het mee — theorie
De cursus begint met een grondopleiding: veiligheidsregels, gebruik van de uitrusting, houding in de vrije val, noodprocedures en landing. Zonder geslaagde theorie ga je niet de lucht in.
Niveaus 1–7 — wat je in de lucht doet
De cursus is verdeeld in opeenvolgende niveaus (meestal van 1 tot 7). Met elk niveau neem je steeds meer controle over:
- Eerste niveaus — twee instructeurs houden je vast in de vrije val, je leert een stabiele houding en zelfstandig openen.
- Middelste niveaus — één instructeur, je begint met draaien, bewegingen en richtingcontrole.
- Hogere niveaus — sprongen met afstand tot de instructeur, zelfstandige manoeuvres en landen volgens plan.
Hoe lang het duurt
De tijd hangt af van jou en van het weer. Sommige cursisten ronden de cursus af in een paar intensieve dagen, anderen spreiden hem over het seizoen. Het starten wordt altijd bepaald door de omstandigheden — veiligheid staat voorop.
Wat je aan het einde krijgt
Na het behalen van alle niveaus kun je zelfstandig een sprong uitvoeren en ben je klaar voor verdere ontwikkeling richting springerslicentie. Dat is nog maar het begin — maar vanaf dat moment spring je op eigen kracht.
Wat je nodig hebt om te beginnen
Je hebt geen ervaring of eigen uitrusting nodig — alleen een goede gezondheid en motivatie. De rest verzorgen wij op de zone.
Begin met de opleiding
Bekijk de details, data en vereisten van de AFF-cursus in jouw zone.